Hier begint jouw zoektocht naar het ontdekken van de mooiste steden!

Home > Blog > Edinburgh: Cultuurstad op zeven heuvels

Edinburgh: Cultuurstad op zeven heuvels

StedenTripper werkt samen met de Reisgids van de Consumentenbond. Iedere maand verschijnt er een artikel, dat eerder in dit magazine is gepubliceerd, exclusief op StedenTripper.com. Zo maak je kennis met hun praktische tests en uitgebreide reisartikelen.

 

Edinburgh ligt maar op een uurtje vliegen van Schiphol. De hoofdstad van Schotland is compact en, als het weer meezit, heerlijk om doorheen te struinen. Een lang weekend is genoeg om het meeste van de oude stad te zien.

Edinburgh is vooral bekend vanwege het drie weken durende Edinburgh Festival waarbij op straat en in talloze kleine theaters veel spannends te beleven valt. De meeste buitenlanders bezoeken Edinburgh dan ook in augustus, vanwege dit festival en het weer. Maar ook buiten het festivalseizoen is er genoeg te doen in deze sfeervolle stad die, net als Rome, is gebouwd op zeven heuvels.

_DSC4704

Overzichtelijk

Edinburgh is Rome niet, laten we dat vooropstellen. Met die zeven heuvels hebben we alle overeenkomsten tussen de Schotse en de Italiaanse hoofdstad wel gehad. Kun je in Rome probleemloos een week rondwandelen zonder twee keer op dezelfde plek uit te komen, in Edinburgh ben je na een dag of twee à drie wel klaar. Edinburgh is vooral een weekendbestemming.

De Schotse hoofdstad is opgetrokken rond Castle Rock, een miljoenen jaren oude vulkanische steenpuist met steile wanden waarop zich al eeuwen voor onze jaartelling mensen vestigden. Nu torent daar Edinburgh Castle – de belangrijkste toeristische trekpleister van Schotland – boven de stad uit. De ‘old town’ ligt aan de voet van deze heuvel. Hier staan de oudste gebouwen, inclusief die van de universiteit. Dit is het deel van de stad met de meeste restaurantjes, de grootste musea en de interessantste straten.

_DSC4511 _DSC4519

Tegenover Castle Rock is in de 18e eeuw, geheel volgens de Georgiaanse architectonische regels, een puur symmetrische stadswijk gebouwd, die nog altijd de ‘new town’ genoemd wordt. Dit is de plek om te flaneren en te winkelen op alle mogelijke prijsniveaus. Helaas begint het winkelaanbod ook hier steeds meer te lijken op dat van andere Europese steden.

De beide heuvelwanden zijn verbonden door een aantal bruggen over wat deels een imposant groen stadshart is, en deels een spuuglelijk spoorwegemplacement. Het is maar van welke kant je het bekijkt. De merkwaardigste verbinding is de wandelbrug dwars door het station, wel fijn voor als het regent!

Koninklijk en militair

De meest voor de hand liggende plek om te beginnen aan een ontdekkingstocht door Edinburgh is Edinburgh Castle. De oudste, nog staande constructies stammen uit de 12e eeuw. Het imposante kasteel was de zetel van de Schotse koningen en later een garnizoensplaats. De tentoonstellingen in het slot staan dan ook volledig in het teken van het koningshuis en de oorlog. Een tip: koop de kaartjes voor het kasteel online. Dat is goedkoper en scheelt vaak een fikse wachttijd.

Edinburgh Castle staat aan drie kanten op de rand van steile rotswanden en is alleen vanaf de oostelijke kant toegankelijk. Vanaf de poort loopt een lange rechte weg langs de helling omlaag naar Holyroodhouse Palace, de officiële residentie van de Britse koningin in Edinburgh.

De lange weg staat bekend als de Royal Mile. Het is de aorta van de oude stad. Hoe meer je het kasteel nadert, hoe toeristischer de Royal Mile wordt. Hier slijt men van alles dat typisch Schots is, van geruite prullaria (made in China) en ansichtkaarten tot dure single malt whisky’s, kilts en cashmere kleding. En natuurlijk zijn er pubs waar toeristen met lef worden uitgenodigd zich te storten op de nationale dis van Schotland: haggis, een stoofschotel van slachtafval.

Ouderwetse solidariteit

De hoge, zandstenen huizen langs de Royal Mile vormden vroeger een façade waarachter prachtige stadstuinen lagen. Nog steeds zijn er her en der tussen de huizen poortjes naar ‘coves’, stegendie leiden naar binnenplaatsen en tuinen of helemaal doorlopen naar de rand van de heuvel aan de kant van de ‘new town’. Sommige van die stegen bieden een prachtig uitzicht op de overkant. Het is dus nog steeds de moeite waard een open cove in te schieten.

Een van de juweeltjes op de Royal Mile is The People’s Story, een klein en overzichtelijk museum dat nu eens niet de geschiedenis vertelt van koningen en generaals, maar van gewone mensen. En dat is een verhaal van schrijnende armoede die duurde tot ver na de tweede helft van de 20e eeuw. De Schotten aten die stoofschotel van slachtafval echt niet omdat ze het lekkerder vonden dan lamsbout.

Het museum vertelt ook het voor onze tijd bijna ouderwets aandoende verhaal over vakbonden, coöperaties en solidariteit. Zoals vrijwel alle musea in Edinburgh is The People’s Story gratis toegankelijk, al wordt een vrijwillige bijdrage wel op prijs gesteld.

_DSC4498

Omstreden nieuwbouw

Tegenover het paleis van de koningin staat een van de twee hypermoderne monumenten van Edinburgh: het Schotse parlementsgebouw. Het complex, een organisch ontwerp van de Catalaanse architect Enric Miralles, heeft de vorm van een bos bloemen die, met de stelen in de natuur en de bloembladen in de stad, het land met de stad verbindt. Die vorm is vooral goed te zien als je schuin tegenover de hoofdingang het wandelpad neemt naar de top van Arthur’s Seat, de hoogste heuvel van het omvangrijke Holyrood Park.

Het is een prachtig en – zoals dat hoort – zeer omstreden gebouw. Let vooral op de zogeheten ‘think pods’, de ‘denkpeulen’ die in de wand van het gebouw zitten, in de kamers van de parlementsleden. Even omstreden als het parlementsgebouw is de nieuwbouw van het Museum of Scotland, vlakbij de universiteit, achter de Royal Mile.

Prins Charles, fervent hater van moderne architectuur, trok zich uit protest tegen de bouw zelfs terug als voorzitter van de raad van bestuur van het museum. Gelukkig maar, want als hij zijn zin had gekregen was er ongetwijfeld weer een neoklassiek pilarenpaleis neergezet. Het nieuwe museum is van buiten en van binnen prachtig. Vooral het souterrain met bronzen beelden van Sir Eduardo Paolozzi is indrukwekkend.

Whiskywalhalla

De buitengrens van New Town is Queen Street. Het is een mooie straat met een paar klassiek Engelse winkels en, op nummer 28, een plezierige verrassing: The Scotch Malt Whisky Society. Het is een echte club, met fauteuils, een bar, een restaurant en een uitgekiende collectie van honderden exclusieve single malt whisky’s.

_DSC4637 _DSC4649

Het blijkt ook gewoon een commerciële onderneming te zijn met vestigingen over de hele wereld (er is ook een SMWS in de Benelux), en een ‘lidmaatschap’ voor een dag kost 10 pond. Maar dan heb je wel de illusie dat je even in een roman van P.G. Wodehouse meespeelt én de whisky’s zijn echt exclusief. De meeste zijn onvermengde en onverdunde single cask whisky’s met alcoholpercentages van boven de 50. Dit is bovendien de beste plek in Edinburgh om haggis te eten.

Eten en drinken

Rondom de universiteit vind je, naast de gebruikelijke junkfoodketens, een groot aantal restaurantjes waarvan er veel uitsluitend biologische producten gebruiken. Leuke plekken in de Old Town zijn:

  1. Nando’s Chicken Restaurant, South Bridge – een keten met veel biologische kip.
  2. Double Dutch Cafe, Marshall Street – mediterraans/Arabische keuken.
  3. Mussel Inn, Rose street – uitstekend bereide vis voor een aangename prijs.
  4. The Mercat, West Maitland Street – lounge eetcafé bij Waverley Station, een absolute aanrader.
  5. Restaurant One, Balmoral Hotel, Princess Street – haute cuisine van Michelinchef Jeff Bland.
  6. Restaurant 21212, Royal Terrace – van chef Paul Kitching, ook een Michelinster.
  7. De Scotch Single Malt Whisky Society, George Street – fantastische whisky’s.

Ben je niet echt een liefhebber, dan is de Scotch Whisky Experience op de Royal Mile een betere plek om kennis te maken met de nationale drank.

_DSC4492

Reizen en prijzen

Vanuit Amsterdam (KLM, Easyjet, Flybe), Brussel (Brussels Airlines, bmi), Brussel-Charleroi en Düsseldorf-Weeze (beide Ryanair) vertrekken rechtstreekse vluchten naar Edinburgh. Een retourvlucht is -afhankelijk van de periode en luchtvaartmaatschappij- al te boeken vanaf zo’n €60,- per persoon. Vanaf het vliegveld ben je per Airlink-bus in 20 minuten in het centrum voor €4,40. Een dagkaart voor de bus kost €3,80.

Voor een voorgerecht betaal je in Edinburgh ongeveer €7,50, een hoofdgerecht kost gemiddeld 15 euro. Omgerekend dan, want in Edinburgh betaal je met Britse ponden. Een nagerecht kost zo’n vier euro, voor een kop koffie ben je iets meer dan twee euro kwijt. Een glas single malt whisky kost €3,50, terwijl je voor een portie typisch Schotse haggis ongeveer het dubbele af moet rekenen.

 

Consumentenbond-bannerDit artikel verscheen eerder in de Reisgids van de Consumentenbond. Wil je verder kennismaken met dit inspirerende magazine? Bestel dan een los nummer van Reisgids, of neem een abonnement.

Recente artikelen

4 praktische tips voor een weekendje Parijs

Overweeg je een weekendje weg met je partner, vrienden of gezin? Dan is Parijs een geweldige bestemming. In een paar dagen tijd kun je genieten van beroemde bezienswaardigheden, Franse lekkernijen en sfeervolle straatjes vol gezellige cafés. Er zijn een aantal praktische tips die je helpen om goed voorbereid op reis te gaan en alles uit je weekend te halen. Benieuwd welke? Wij zetten er vier voor je op een rij! Reis met de trein Een van de beste tips is om met de trein naar Parijs te reizen. Vanuit Amsterdam reis je in ongeveer 3,5 uur rechtstreeks naar de Franse hoofdstad. Reizen met de trein biedt verschillende voordelen ten opzichte van vliegen of reizen met de auto. Je bent snel in het centrum van de stad, hoeft onderweg niet zelf op het verkeer te letten en staat niet in lange rijen op het vliegveld. Je stapt in, kunt ontspannen en bent binnen een korte tijd op je bestemming. Ideaal!  Boek je treintickets wel op tijd. Vroeg boeken is voordelig reizen: hoe eerder je boekt, hoe lager de prijs. Ga buiten het hoogseizoen Een andere praktische tip is om buiten het hoogseizoen naar Parijs te reizen. Tijdens een weekendje weg wil je natuurlijk zoveel mogelijk van de stad zien. In het hoogseizoen is het vaak erg druk, waardoor je rekening moet houden met lange wachtrijen bij populaire bezienswaardigheden en drukke straten. Hierdoor kun je minder zien en doen tijdens je citytrip.  Reis je buiten het hoogseizoen? Dan is het over het algemeen wat rustiger, waardoor je meer uit je weekendje haalt. Bovendien zijn hotels en tickets voor activiteiten buiten het hoogseizoen vaak goedkoper. Nog beter is om meerdere doordeweekse dagen te pakken. Dan is het goed te doen met de drukte en hoef je ook niet overal te reserveren. Een midweek is daarom zeker het overwegen waard. Kies een hotel in een gezellige wijk Parijs is een grote stad met veel verschillende wijken. Het is daarom verstandig om vooraf goed na te denken over de locatie van je hotel. Kies voor een gezellige wijk met sfeervolle straatjes, leuke winkels, cafés en restaurants. Populaire wijken om te overwegen zijn Le Marais, Montmartre en Quartier Latin. Lees je goed in over de verschillende wijken, vergelijk ze met elkaar en boek je hotel in Parijs. Wandel of neem de metro Parijs is een prachtige stad om te voet te verkennen. Wandelend zie je vaak meer van de sfeer, de straatjes en de kleine details die je anders zou missen. Heb je lekker weer en genoeg energie in de benen? Dan is lopen een geweldige manier om de stad te ontdekken.  Wil je liever wat sneller van A naar B, of heb je een dagje minder puf? Dan is de metro een uitstekend alternatief. De stad heeft een uitgebreid metronetwerk, waardoor je snel en gemakkelijk verschillende wijken en bezienswaardigheden bereikt. Je kunt kiezen voor een dagkaart of een ticket voor meerdere ritten.

Bekijken
vliegtuig 2

Reizigers kiezen steeds vaker voor gemak tijdens korte trips

Een paar dagen weg is voor veel mensen de perfecte manier om even los te komen van de dagelijkse routine. Waar vakanties vroeger vaak weken duurden, kiezen reizigers nu steeds vaker voor korte trips. Een lang weekend naar een bruisende stad of een spontane midweek voelt al als een mini-vakantie. Daarbij draait het minder om verre bestemmingen, meer om gemak. Snel boeken, licht inpakken, direct genieten zodra je aankomt. Alles draait om efficiëntie De moderne reiziger wil geen tijd verspillen. Vluchten worden zorgvuldig gekozen, accommodaties liggen centraal, alles moet soepel verlopen. Het idee is simpel. Hoe minder gedoe, hoe meer tijd overblijft om echt te ontspannen. Apps helpen bij het plannen van routes, reserveringen zijn in een paar klikken geregeld. Zelfs het inchecken gaat vaak digitaal. Dat maakt reizen toegankelijker dan ooit, ook voor wie spontaan besluit om er even tussenuit te gaan. Licht reizen, vrij bewegen Wie maar een paar dagen weggaat, neemt minder mee. Een compacte tas of handbagage is vaak al genoeg. Dat geeft vrijheid. Geen wachttijden bij de bagageband, geen gesleep met koffers door smalle straatjes. Alles wat je nodig hebt, zit binnen handbereik. Dat zorgt voor een gevoel van flexibiliteit. Even een andere wijk ontdekken of onverwacht een museum inlopen wordt makkelijker als je niet gebonden bent aan zware bagage. Voorbereid op het onverwachte Hoewel gemak centraal staat, groeit ook het besef dat een goede voorbereiding belangrijk blijft. Zeker bij korte trips wil je niet dat iets misgaat. Een gemiste vlucht of een lastminute-annulering kan je plannen flink verstoren. Daarom kiezen steeds meer mensen voor een doorlopende reis- en annuleringsverzekering, zoals een doorlopende reis- en annuleringsverzekering van Univé. Het geeft rust. Je weet dat je niet alles zelf hoeft op te lossen als er iets gebeurt. Dat maakt het makkelijker om zorgeloos te vertrekken. Spontaniteit als nieuwe luxe Wat opvalt, is dat spontaniteit steeds belangrijker wordt. Waar reizen vroeger maanden van tevoren werden gepland, gebeurt dat nu vaak last minute. Een goede deal, een paar vrije dagen, het kan al genoeg zijn om te boeken. Die vrijheid voelt als luxe. Je zit minder vast aan plannen, meer in het moment. Dat past bij hoe veel mensen hun vrije tijd willen invullen. Niet te ver vooruit denken, gewoon gaan wanneer het uitkomt. Meer beleving in minder tijd Korte trips draaien om intens genieten. Omdat de tijd beperkt is, halen reizigers meer uit elk moment. Een goed restaurant, een bijzonder uitzicht, een wandeling door een onbekende buurt. Alles telt net wat zwaarder. Het gaat niet om hoeveel je ziet, maar om wat je ervaart. Juist dat maakt deze manier van reizen zo aantrekkelijk. In een paar dagen kun je het gevoel hebben er echt even uit te zijn geweest, zonder dat je weken weg hoeft.

Bekijken